Vuurwerk deel 2


     

Komende Events

Vuurwerk deel 2

Voor veel dieren is de periode rondom het oude jaar een regelrechte ramp. Het geknal van vuurwerk wekt bij veel dieren matige tot zeer sterke angst op. Denk daarbij aan honden die hele dagen bibberen of aan katten die dagen achter de kast zitten. Natuurlijk zijn er ook dieren die er minder tot in het geheel niet bang voor zijn. Ik denk daarbij aan een labrador uit onze praktijk die het liefst de knallende rotjes apporteert. Gelukkig weet de baas dat te voorkomen.

Hoe ontstaat en ontwikkelt die angst zich nu. Als jonge puppies worden geboren dan zijn ze nog nergens bang voor. De angst voor dingen in de omgeving begint zich circa vanaf 8 weken langzaam te ontwikkelen. Daarom is het zo belangrijk om puppen zo snel mogelijk met zo veel mogelijk zaken in contact te brengen. Daarbij horen ook harde geluiden. De eerste reactie is er over het algemeen een van terughoudendheid en lichte angst. Als de knal niet te hard is en direct daarna iets leuks gebeurt, dan zet het dier zich er langzaam overheen. Als bij herhaling van knallen dat direct geassocieerd blijft met prettige ervaringen, dan gaat het dier de knallen zelfs leuk vinden. Op deze manier trainde Pavlof zijn honden en doen jagers en politiehondengeleiders dat ook.
Vaak gaat het echter de eerste paar keer mis. Na een knal schrikt de hondengeleider ook en vlucht met hond. Onderweg wordt de hond geaaid en daarmee streelt de eigenaar zijn eigen schrik weg. Met dat strelen wordt het dier beloond voor de angst en het vluchtgedrag. De volgende keer gaat de hond bij een harde knal het gedragspatroon herhalen, vluchten en bibberen. Veel eigenaren vinden de hond dan zielig, dat is hij natuurlijk ook, en troosten (belonen) de hond. Het angstgedrag wordt herhaaldelijk op deze wijze onbedoeld gestimuleerd.

Wat te doen met een hond die op de hierboven beschreven manier angst heeft ontwikkeld voor harde knallen? De vraag is simpel. Het antwoord niet.
In de eerste plaats moet de eigenaar, hoe moeilijk ook, stoppen met het belonen van de angst. Sommige mensen gaan dan de hond straffen. Dat helpt niet. Als je een hond straft als hij bang is maak je hem alleen maar nog banger en vererger je dus de angst. In mijn optiek is totaal negeren van de angst de beste methode. Zelf moet je proberen je eigen zekerheid over te brengen op je hond. Dat valt niet mee, omdat veel mensen zelf bang zijn voor knallen.
Je kunt aansluitend 2 wegen bewandelen. De eerste is proberen de hond niet bloot te stellen aan harde knallen. De angst treedt dan niet meer op. In een enkel geval treedt er uitdoving van de angst op. Vaak duurt dat echter erg lang, als het al gebeurt.
De tweede oplossing is de hond met opzet blootstellen aan veel knallen, bijvoorbeeld bij een hondenschool of met behulp van een vuurwerk cd. Als de timing goed is, dan kan je dubben over belonen, vaak gaat dat het beste in een spelsituatie. Echter mijn ervaring heeft geleerd dat het lang niet altijd lukt om honden op die manier van de angst af te helpen. Als het wel lukt dan zien we na verloop van tijd nogal eens een terugval. Het is een tijdrovende bezigheid maar beslist de moeite van het proberen waard.

Medicijnen kunnen op meerdere manieren een rol spelen bij het terugdringen van deze angst.
In de eerste plaats zijn er medicijnen die angst kunnen onderdrukken. Denk daarbij aan selgian, clomicalm, dap en diazipam (lijkt op seresta).
Deze medicijnen dienen altijd gecombineerd te worden met een gedragstherapie om resultaat te behalen.
Een andere groep medicijnen die veel wordt gebruikt tegen het einde van het jaar zijn medicijnen met een langdurig versuffende werking. Veel van deze medicijnen werken tevens angstonderdrukkend. In het bijzonder worden vetraquil, calmivet en diazipam in hogere doseringen gebruikt. Deze medicijnen passen goed in het hierboven beschreven systeem waarbij zeldzame angstprikkels worden vermeden.

Ik hoop dat u al deze wetenschap thuis niet nodig heeft. Prettige Feestdagen!

Ronald Bosch

lijn

Advertenties